Niet alle boombezitters weten het, maar elke boomeigenaar heeft volgens artikel 6.162 van het Burgerlijk Wetboek een zorgplicht. Door omvallen of bij stam- of takbreuk kan een boom schade aanrichten. De boomeigenaar kan bij het ontstaan van materiële schade of letselschade aan derden aansprakelijk gesteld worden.
Hoogendoorn Boomadvies B.V. kan met de diverse onderzoeksmethodes het risico op schade inzichtelijk maken. Naar aanleiding van deze onderzoeksresultaten worden vervolgmaatregelen geadviseerd om een eventueel risico tot een minimum te beperken. Om als boomeigenaar te voldoen aan de zorgplicht is de uitvoering van een periodieke boomcontrole noodzakelijk.
VTA en nader technisch onderzoek
Visual Tree Assessment, kortweg VTA, is een door Claus Mattheck en Breloer ontwikkelde methode om bomen visueel te beoordelen.
Volgens deze methode kunnen interne gebreken ontdekt worden aan de hand van signalen aan de buitenkant van de boom. Hierbij wordt onder andere gelet op de aanwezigheid van schimmels, het groeigedrag, vlekken op of breuken in bast of stam, vlekken op bladeren, oude of nieuwe wonden enzovoort. De methode voorziet in een inventarisatie en analyse van de uiterlijke signalen van potentiële mechanische zwakte.
Als er geen uitwendige tekenen zijn van mogelijke problemen, beperkt het onderzoek zich tot deze fase.
Als er vermoedens zijn van een defect op basis van de geobserveerde symptomen, moet de aan- of afwezigheid hiervan bevestigd worden door middel van een nader technisch onderzoek. Dit kan door middel van het uitvoeren van meerdere methodieken, zoals geluidstomografie, elektrische weerstandsmeting of een stabiliteitsmeting. Zo wordt concreet of de kritische drempel voor aanvaardbaar risico niet overschreden wordt.
Picustomograaf
Voor nader technisch onderzoek maakt Hoogendoorn Boomadvies B.V. gebruik van een Picus geluidstomograaf. De werking ervan is gebaseerd op de snelheid waarmee een geluidsgolf zich voortplant door de te onderzoeken stam of tak. In gezond hout is deze constant, maar wanneer de golf door gedeformeerd hout moet, daalt de snelheid. Via een nagel die door de schors wordt geklopt heeft de sonde contact met het hout. Elke sonde wordt op zijn beurt geactiveerd en stuurt een geluidssignaal door het hout naar de andere sondes. Op basis van de snelheid van de signalen tussen de verschillende sondes wordt een tweedimensionaal kleurenbeeld geproduceerd. Op dit beeld staan de verschillende snelheden weergegeven met kleuren. Aan de hand van dit beeld kan de mate van aantasting geïnterpreteerd worden.
Elektrische weerstandsmeting met Treetronic
Met de Treetronic wordt een electrical impedance tomogram uitgevoerd. De meting vindt plaats op dezelfde meetpunten als het geluidstomogram, zodat beide beelden elkaar aanvullen. Met de Treetronic wordt paarsgewijs de elektrische weerstand gemeten. De elektrische weerstand wordt voornamelijk gestuurd door vocht en nitraten. Door de combinatiemeting uit te voeren kunnen scheuren, houtkolommen, holten en ingegroeide schorsdelen aan het licht komen.
Stabiliteitsmeting en windworpsimulatie met de Treeqinetic
De trekproef wordt gebruikt om de stabiliteit van bomen te meten. Uit wetenschappelijk onderzoek is gebleken dat een boom bij een specifieke druk of trekbelasting overeind blijft staan, indien de stamvoet bij een belasting van 40 procent van die kracht niet verder uit het lood komt dan 0,25o. De kiepkracht is de minimale kracht die gedurende een korte tijd nodig is om een boom te laten omkiepen of kantelen. Voorafgaand aan de proef wordt voor de boom zijn specifieke windworpcurve berekend en uitgezet. Hierbij wordt uitgegaan van het bereiken van de kiepkracht bij een windsnelheid van 32,7 meter per seconde rond de boom. Bomen behoren tot orkaankracht overeind te blijven staan. Met de trekproef kan worden aangetoond of de boom aan deze norm voldoet.
Bomeneffectrapportage
Het opstellen van een bomeneffectrapportage (B.E.R.) wordt verricht in de initiatieffase van het project en voorafgaand aan de concrete plannen. De inventarisatie en kwaliteitsbeoordeling betreffen alle bomen binnen de invloedssfeer van het project. Het uitgangspunt van een bomeneffectrapportage is dat de bomen in het perspectief van de werkzaamheden in hun huidige verschijningsvormen op dezelfde standplaats duurzaam gehandhaafd blijven. Dit onderzoek geeft inzicht in de soorten en aantallen te behouden en te kappen bomen voorafgaand aan het projectplan.
Bomeneffectanalyse
Nederland is klein en de behoefte aan multifunctioneel ruimtegebruik is groot: wonen, werken, recreëren en verkeer; alles op een afgepaste hoeveelheid vierkante meters. De indeling van deze schaarse ruimte is continue in beweging. Veelal worden tijdens bouw- en reconstructiewerkzaamheden concessies gedaan aan de voor de boom benodigde boven- en ondergrondse groeiruimte. Wat door de boom in decennia is opgebouwd, wordt vaak in een fractie van een seconde onherstelbaar beschadigd.
Hoogendoorn Boomadvies B.V. kan deze ongewenste effecten voor de aanvang van de werkzaamheden in kaart brengen in een bomeneffectanalyse (B.E.A.). De analyse verloopt volgens een vast protocol. Het resultaat laat zien of de boom zich in zijn huidige staat op de huidige plek duurzaam kan handhaven ondanks de voorgenomen werkzaamheden.
In een B.E.A. worden uitgangspunten, zoals de kwaliteit van de boom, de effecten van de werkzaamheden op deze kwaliteit en de mogelijke alternatieven, op een rijtje gezet.
Aan de duurzame instandhouding van de boom liggen randvoorwaarden en boombeschermende maatregelen ten grondslag, die tijdens de werkzaamheden nageleefd dienen te worden. Om de naleving van de maatregelen te controleren is het raadzaam een boomdeskundig toezichthouder in te schakelen.
Groeiplaatsonderzoek
Bomen maken het leven in het verstedelijkte gebied leefbaar, maar er is een spanningsveld tussen de behoeftes van de boom en die van de mens. Door tal van oorzaken is een boom met een verminderde conditie eerder regel dan uitzondering.
Veelal ontstaan de problemen door de aanwezigheid van fysieke obstakels, een te hoge grondwaterstand, storende bodemlagen of een slechte fysiologische bodemstructuur. Om de oorzaak hiervan te achterhalen en passende maatregelen te kunnen nemen is groeiplaatsonderzoek noodzakelijk, eventueel aangevuld met een bodemanalyse.
Hoogendoorn Boomadvies B.V. is hiervoor in het bezit van specialistische apparatuur. Met behulp van een penetrologger kan de indringingsweerstand van de bodem worden gemeten. Er kunnen metingen tot een diepte van 80 cm verricht worden. De penetrologger bevat een nauwkeurig intern GPS-systeem ter bepaling van de exacte meetplaats. Er is een bodemvochtsensor (ThetaProbe) aangesloten voor een meting van het bodemvochtpercentage van de meetplek.
De indringingsweerstand (MPa) hangt af van bodemeigenschappen, zoals dichtheid, vochtgehalte, bodemstructuur en –textuur en organisch stofgehalte.
Ook wordt er gebruik gemaakt van een Eagle 2 bodemgas analyzer. Hiermee kan het percentage zuurstof, kooldioxide en methaangas gemeten worden. De meting van bodemgaspercentages toont direct de algemene conditie van de groeiplaats.
De verminderde conditie is vrijwel altijd een direct gevolg van een niet juist ingerichte groeiplaats of een verkeerde boomsoortkeus. Om dergelijke ongewenste situaties te voorkomen zijn een gedegen groeiplaatsinrichting en een juiste boomsoortkeuze de eerste stap tijdens de ontwerpfase. Hoogendoorn Boomadvies B.V. adviseert u graag bij een groeiplaatsonderzoek of tijdens de ontwerpfase.
Meer weten over deze expertise?
Graag komen we in contact met u om uw wensen en vraagstukken te bespreken. Bel of mail daarvoor Martijn, dan gaat hij samen met u een afspraak plannen.